The Riflebirds Of Portland maakten tussen 1985 en 1989 muziek onder de naam The Riflebirds. In het laatste jaar verscheen debuut April op cassette. De singel ‘Pieces Of Time’ maakte indruk op lokale radiostations. Columbia Records toonde interesse maar de groepsleden waren uitgespeeld en zetten zich aan minder muzikale loopbanen. In 2024 kwamen de groepsleden bij elkaar. Er bleek in Melbourne een groep te spelen onder de naam The Riflebirds. De toevoeging Of Portland loste problemen op. Het is onduidelijk of de leden een vervolg wilden geven aan de groep of dat er in eerste instantie gewoon een reünie in de agenda’s stond. Producer en multi-instrumentalist Marvin Erzioni nam plaats achter de knoppen en de groepsleden speelden wat verouderde ideeën en belegen liedjes uit een vorig leven.
Belangrijk is om te vermelden dat diverse groepsleden een pak aan ervaring hadden opgedaan. Drummer Kevin Jarvis had gewerkt met Brian Wilson, Lucinda Williams en Elvis Cosello. Daarbij is hij eigenaar van The Sonic Boom Room. Zangeres Kate Oser werkte in een kinderbibliotheek, om een ander loopbaanpad te noemen.
Het is even wennen aan de stem van Kate Oser in het openingsnummer ‘Sometime Somewhere’. Producer Erzioni heeft de vocalen maximaal naar voren geduwd en dat geeft het countrypop liedje uiteindelijk de gewenste kwaliteit. De scherpte van de stem valt weg en de klasse van de song groeit. De stemmen van Kate en Lee Oser zijn bepalend in ‘She’s Not Here’, het tweede liedje. Het is opnieuw een verradelijk nummer. En ook in deze song laten The Riflebirds Of Portland gemak en klasse hand in hand gaan.
De liedjes werden geschreven door Lee Oser en Marvin Erzioni. The Riflebirds Of Portland ontvangen graag en veel muzikale vrienden in de studio. Het komt in alle gevallen de muziek ten goede. ‘Windmills On The Moon’ doet precies hetzelfde. In eerste instantie lijkt het een wat minder nummer. Het is geen hoogstaande poëzie die Lee Oser op papier heeft gezet. Na diverse luisterbeurten lukt het de groep toch om een fiks uitroepteken achter ‘Windmills On The Moon’ te zetten. ‘My Mournful Bride’ heeft een koortje dat niet echt overtuigt, maar ook een trompetsolo die in elk jazzcafé op applaus mag rekenen. De hoes van Windmills On The Moon verdient een opmerking. De groep heeft een door Edward Hopper gemaakte collage van papier gebruikt. De in 1931 uitgebrachte kerstkaart past wonderwel bij de release. Bij afsluiter ‘Where Does The River Lead?’ dacht Oser aan ‘Knockin’ On Heaven’s Door’ van Bob Dylan. Hij wilde de Amerikanen in deze gitzwarte tijd hoop geven.
Het is goed luisteren naar The Riflebirds Of Portland. De groep zit niet bij de pakken neer, maar moedigt de luisteraars die de groep in de vorige eeuw via een cassette leerden kennen aan. Er is in Amerika weinig ten goed veranderd de afgelopen tientallen jaren. En toch komt de groep in 2025 met nieuwe en moedige muziek. Als het met de schandalen en leugens wat veel wordt, is Windmills On The Moon een prima medicijn. (Regional Records)