Ga naar de inhoud

Hartwin, This Is The Place

Hij, Hartwin de Belgische diatonische accordeonist/componist, moet een enorme hang naar het maken van ultieme schoonheid hebben. De klanken op dit nieuwe album laten weer eens horen dat muziek maken absoluut niet hoeft thuis te horen in een categorie. De melodieën op ‘This Is The Place’ wijzen op een diepgeworteld besef van wat muziek doet met het gevoelsleven van mensen.

Introductie behoeft Hartwin eigenlijk niet, want in maart dit jaar verschijnt het schitterende, (semi)klassieke album ‘Unfolding’. In april de Ep ‘New Beginnings’ met violist Ross Grant. Lees de reviews en verdiep je heel binnenkort een keer in de wondere wereld van de muzikanten die aan het Trad Record label zijn verbonden en je komt via een Europese folkwereld in een waaier van muzikaliteit terecht.

De classicistische weg die Hartwin met ‘Unfolding’ is opgegaan komt op kamerniveau bij vlagen terug op ‘This Is The Place’. Met (vanzelfsprekend) Hartwin Dhoore op diatonische accordeon, Pavel Souvandjiev op viool en Flavia Escartin op cello is het een trio dat de composities van Hartwin gezamenlijk arrangeert. De Bulgaar Souvandjiev is klassiek geschoold en speelt ‘neo-folk’ met Keltische, Slavische en klassieke invloeden. De Catalaanse-Belgische Escartin is klassiek en jazz geschoold cellist. Ze speelt o.a. met haar zus Laia, laat ik de te brede term maar eens gebruiken, allerlei vormen van wereldmuziek. Ook hier geldt dat als je je verdiept in hun muzikale loopbanen er wederom een wereld voor je opengaat.

Hoe zij samen klinken laat zich raden. Allereerst heel onomstreden virtuoos. Het stuk ‘Liberi Danzatori’ is wat dat betreft een prachtig voorbeeld. Op een typerende Hartwin compositie van cirkelende accordeonklanken en een getokkelde cello komt de viool samen met een, inmiddels gestreken, cello binnenvallen als een omarmende wervelwind. Maar ze klinken ook saamhorig, opgaand in de vormgeving van de composities. Hun spel grijpt in elkaar, omcirkelt en versterkt. De muzikanten kijken, zonder op te kijken, in elkaars ogen.

Het album begint overigens met ‘In The Mountains’. Een verhalende melodie met een blije emotie en een diepe ondertoon op cello in een klassieke uitvoering. Als ik het beluister dan zie ik zowel de vergezichten als de geborgen plekken in de bergen, zowel de woestheid als de bloemen in de dalen. Het zien van een kleine groene olijf aan de takken van de oude, verweerde, geknotte en wijze stam is het melancholische beeld dat op ‘Olive Green’ geschetst wordt. Althans, dat is mijn beeld. De vuurtoren op ‘Lighthouse Pt.2’ staat fier op de in zee vooruitgeschoven rots, maar is gedoofd en slechts een symbool van wat was, en dat is veel. Met veel variatie is ‘A Bit Lost’ genuanceerde melancholie met een heerlijke lichte toets. Het negende stuk is de titel song. Een plaats in de Italiaanse alpen waar het trio zich op zijn plaats voelt. Ze hebben daar veel samengespeeld en gearrangeerd op een klein festival waarna ze op tournee zijn gegaan.

Wat ik ook beluister, is dat Hartwin steeds nieuwe beelden opdoet en ze vertaalt in klanken. Hij vindt zorgvuldig de muzikanten die zijn composities dragen, er mee spelen, zich door de accordeon laten meeslepen of hem juist meenemen in een sfeer die melancholisch, dansbaar of geladen is. Het streven naar schoonheid lijkt onuitputtelijk voor Hartwin en de zijne.