Katherine Priddy, The Eternal Rocks Beneath

Er worden een flink aantal hersengebieden aangesproken tijdens het luisteren naar “The Eternal Rocks Beneath” van Katherine Priddy. Heel fijn om weer eens ouderwets verrast te worden door iemand die iets heel moois kan maken. Toen Sandy Denny, Joni Mitchel en Nick Drake hun ultieme muzikale vermogens aan ons toevertrouwden waren ze van dezelfde generatie als Katherine Priddy nu is. Niets bijzonders dus. Wat wel heel bijzonder is, is dat ze zich vrij moeiteloos tussen genoemde muzikanten kan nestelen. (mijn idee)

Ongeveer vijfentwintig jaar geleden geboren, wonend in Birmingham timmert Priddy al vanaf 2012 aan de weg op de kleinere podia en folkfestivals in de UK. Wat ze laat horen is weliswaar onder het kopje Folkmusic te scharen maar eigenlijk is het meer Katherine Priddy die de folk gebruikt om songs mee te maken. Ze is met “folkstembanden” ter wereld gekomen. Stembanden die op een vanzelfsprekende manier haar teksten dragen. Ze zingt van hoog en bijna fragiel tot midden diep helder. Haar fingerpicking gitaarspel doet niet onder voor haar stem. Het is een heel wezenlijke sfeerbepaler.

Katherine is lange tijd primair een podiummuzikant. Ze schrijft haar, vaak over relaties, liefde, haar jeugd en haar jeugdherinneringen handelende, songs en brengt ze naar haar publiek. Ze bouwt een band met hen op en geeft ze, in 2018, uiteindelijk de EP “Wolf”  Vier songs waarvan er twee ook op “The Eternal Rocks Beneath” verschijnen. De single “Still Winter, Still Waiting” uit 2020 is een prachtig liefdesseizoenverhaal. Een kalme gitaarsong met een uitermate romantisch spelend strijkersensemble.

Twee jaar werkt Katherine aan “The Eternal Rocks Beneath”. Naast haar eigen gitaarspel zijn de strijkers wederom van de partij. Contra bas, drums en her en der banjo en harmonica completeren de melodieuze songs.

Het album begint met “Indigo”. In deze song komt de eigenheid van Priddy geweldig uit de verf. Het is een folksong maar ook weer niet. De zanglijn niet, de toonzetting wel. Een aanzwellende song met strijkers en bas, gitaar en drum. Met “Wolf” zet Priddy een fantastisch lopende song neer. Ritmisch met cello als sfeerbepaler. “About Rosie” is een meesterlijke gitaar/folk song met harmonica en invallende strijkers.”Icarus” is weliswaar ook folk gerelateerd maar zo verhalend qua melodielijn dat het bijna een indringende musicalsong zou kunnen zijn. “Eurydice” komt fluisterend en zwaar bebast op gang. Spannend en dan ineens ijl gezongen, het verhaal. Ik ontkom er niet aan er een Cowboy Junkie achtige sfeer bij te ervaren. Een langzaam indringend hoogtepunt. Ineens Blue Grass met “ Letters From A Travelling Man”. Dissonant? Helemaal niet want gewoon een heel lekker lopende song. “The Spring Never Came”. Zucht, hoe mooi en hoe melodieus. Ook deze song zou in een groter verhaal kunnen passen. Met een lichte jazzy toets en een zwierigheid om de ogen bij te sluiten. “Ring O’ Roses” is wederom gedrenkt in een folk toonzetting maar overgoten met een spannende klankkleur en verrijkt door een prachtige tweede stem. “The Isle Of Eigg” een kleine ronddraaiende gitaar/folk song. “The Summer Has Flown” tot slot geeft mij hetzelfde verraste gevoel als bij de eerste muzikale ontmoeting met June Tabor destijds. Geen piano zoals bij Tabor maar met een prachtig, op momenten iets lager gezongen, timbre. Het album eindigt zoals het begint: met vogelzang.

Richard Thomson heeft haar muziek al eens als één van de mooiste die hij ooit gehoord heeft benoemd. Een compliment dat hoop geeft voor de toekomst. Hij is een man die door Katherine Priddy navolgbaar is in het maken van absoluut eigenzinnige  folkmuziek. Door “The Eternal Rocks Beneath” wordt ik ondergedompeld in een uitermate vriendelijke melancholische stemming waaruit ik mij slechts met tegenzin kan ontworstelen. Doe mij na!