Adrian Crowley, The Watchful Eye Of The Stars

Als twee broeders in muziek lopen Adrian Crowley en Bill Gallahan over het water van de oceaan naar elkaar toe. De één uit het westen de ander uit het oosten. Beide muzikanten veroorzaken een vrijwel identieke stemming als ik hun muziek beluister. Een zekere meeslepende ontregeling. Beider diep wortelende vocalen dragen bij aan een lichtelijk onaards gevoel. Maar daar waar Gallahan steeds meer het genot van het gezinsleven bezingt, drijft Crowley steeds meer op gedroomde verhalen die hem (ik citeer) komen aanwaaien. Mocht Leonard Cohen een keer op aarde terugkeren dan kan hij ze zo bij de hand nemen om samen aan een nieuwe romantische realiteit te bouwen.

Adrian Crowley is geboren op Malta (vader Maltees, moeder Iers), opgegroeid in het Ierse Galway en nu vertoevend in Dublin. Een creatieve geest. Architectuur, tekenen, schilderen, en fotografie waren zijn aanvankelijke bezigheden. Ook nu nog is hij geïnteresseerd in film en beeld. In 2018 maakt Niall Mc Cann de gedramatiseerde documentaire ‘The Science Of Ghosts” met en over Adrian Crowley. Een persoonlijke filmische verbeelding over het vertellen van verhalen.

Vertellen is de kern van de muziek van Crowley. Het mooie is dat zijn muzikale omlijsting even kernachtig is. Verhaal en muziek versterken elkaar. Heel mooi te beluisteren en belijken op “Set Theatre” (YouTube) voorafgegaan door een optreden van die andere intrigerende muzikant Peter Broderick waarmee hij in 2013 het album “My Yoke Is Heavy: The Songs Of Daniel Johnston” maakte.

“The Watchful Eye of the Stars” is het negende album van Crowley. Ook op dit album gaan droom en werkelijkheid in elkaar over. Alle verhalen zijn realistisch gedroomde geschiedenissen. Hij zoekt ze niet op maar vertelt ze als voortkomend uit één en dezelfde levensbron: de sterren. Zweeft zijn muziek? Natuurlijk maar hij doet het op zo’n vanzelfsprekende manier dat het oprecht is. Dromen trekt hij naar zich toe en laat ze horen.

Tien muziekstukken die qua sfeer verschillen als avond en nacht. De ene song iets dichter tegen een melodieuze “down to earth folkpop song” aan zoals “Bread And Wine”. De ander, “A Shut In’s Lament” is een op cello en zacht getikte percussie wegdrijvende song met een vals gevoelig ondertoontje.

Het bijna klassiek gearrangeerde “The Colours Of The Night” heeft een prachtige tere vloeiende gelaagdheid met een subtiele Keltische toets. “Northbound Stowaway” is een, met lange streken omlijst, “reisverhaal”. “I Still See You Among Strangers” bevat een prachtige discrepantie tussen een melodieuze baslijn en een hoog gezongen tekst. Een sfeer die ook iemand als Antony (van the Johnsons) in zijn songs weet neer te leggen: krachtig breekbaar. “Underwatersong” is een kalm vertelde en muzikaal volledig uitgesponnen droom. De muziek golft om de donkere stem van Crowley met af en toe een “meewandelende” vrouwenstem. “The Singalong” is een emotioneel donker gesproken gedicht. De bariton van Crowley nadert Cohen. Op “Crow Song” is Crowley’s bariton zo nodig nog prominenter aan het declameren.

De songs op “The Watchful Eye of the Stars” nemen je mee en dat is heerlijk als je in je dagelijkse bestaan een droomwereld in wilt drijven. De geweldige stem van Crowley en de keus voor een heel genuanceerde verscheidenheid aan instrumenten, maken dat dit een onweerstaanbaar fraai album is. Niet te becijferen maar er zijn veel sterren aan het firmament.