Julian Taylor, The Ridge

Volgens de Canadese singer-songwriter Julian Taylor vormt zijn gemengde afkomst van deels Mohawk en deels West-Indisch de voornaamste en steeds terugkerende inspiratiebron voor de songteksten. Rode draad in dezen: ergens bij willen horen, zonder dat gevoel ooit te hebben ervaren. Ik ken zijn werk niet, vlooi het door en vertelt me onder andere dat hij als muzikant ongeveer twintig jaar actief is, in het bijzonder rondom Toronto, zijn woonplaats. Begonnen met de rockband Staggered Crossing, ontwikkelt hij geleidelijk zijn muzikale stijl richting singer-songwriter, annex troubadour. In die hoedanigheid levert Taylor met The Ridge het zesde soloalbum af, dat een mooie eclectische verzameling bevat van acht zelfgeschreven liedjes, met country, folk en wat soul, als voornaamste invloeden.

Fraai beeldende teksten combineert hij met eenvoudige, luisterrijke melodieën, dankzij gedoseerde bijdragen van drums, bas, (elektrische) gitaar en door ragfijne toevoegingen van percussie, piano, viool, pedal steel en cello.  Het mooiste instrument evenwel is zijn elegante, glaszuivere stem, die feilloos schakelt tussen (hoge) tenor en bariton. Qua voordracht en kleur refereert Taylor’s stem aan zowel zijn landgenoten Gordon Lightfoot en Shannon Lyon, als aan Chris Isaak en Roy Orbison. Dat Sheila Carabine en Amanda Walther hem af en toe vocaal gezelschap houden is een aantrekkelijk detail, dat de sowieso nostalgische en melancholische sfeer van het album nog eens fijntjes benadrukt. Wat mij betreft behoort Taylor tot de talentvollere muzikanten, die ik sinds langere tijd gehoord heb. (Eigen beheer)