Ad Vanderveen, Final Refuge

Aan de achterkant van het inlegboekje van Final Refuge het laatste album van Ad Vanderveen, schrijft de onlangs overleden singer-songwriter, oud-collega en vriend David Olney een betekenisvol stukje over Ad Vanderveen als muzikant: zijn integriteit, bescheidenheid, diepgang en eenvoud van waaruit zijn liedjes tot stand komen en die vertellen over de simpele waarheid die telkens opnieuw moet worden verteld. Als uitvoerend muzikant bezit Ad twee gedaantes: luid elektrisch en zacht akoestisch. De eerste heeft mijn voorkeur, vanwege zijn virtuositeit op gitaar, maar ook zijn akoestisch werk is het beluisteren meer dan waard, zo toont hij voor de zoveelste keer met Finale Refuge. Het is een even spaarzaam als subtiel – vrijwel geheel akoestisch – album, breed geïnstrumenteerd met gitaar, bas en piano als basis en fraai toegevoegde inkleuringen door saxofoon, cello, violen, banjo, mondharmonica en de mooie tweede stem van levenspartner Kirsten de Ligny. Mocht Vanderveen’ s repertoire nogal eens refereren aan Neil Young, steeds vaker valt me de Keltische invloed van Van Morisson op, zoals in de meeslepende sfeer van Homecoming en Know Yourself. Als aanvulling op de karakteriseringen van Olney over Vanderveen ’s vakmanschap, zou ik de immer aanwezige toewijding en bezieling in zijn werk willen accenturen. Een zeer begenadigd maar ondergewaardeerd muzikant, helaas. Tenminste in Nederland. (Continental Records)