Live Review
cr_kt-04

Naked Song Festival

Muziekcentrum Frits Philips

Eindhoven

Zaterdag 30 mei 2009

Verslag:

Foto’s:

Huub Thomassen en Paul Jonker

Paul Jonker

Naked Song Festival, Sfeerrijk Met Boeiende Programmering

cr_vfh-08

Onlangs werd, in het Muziekcentrum Frits Philips, voor de derde keer het Naked Song Festival gehouden. Dit festival richt zich op “real music” met het accent op de oorsprong van de liedjes, ontdaan van zoveel mogelijk overbodigheden. Naked Song bood ook dit jaar weer een brede en boeiende programmering met veel zeer bekende, redelijk bekende en (nog) onbekende muzikanten.

Ongeveer 1200 bezoekers verkozen dit festival boven een uitnodigend bezoek aan een van de zonnige terrassen van Eindhoven. Liefst zeventien acts stonden op het programma. Hun liedjes werden verspreid over vijf podia ten gehore gebracht.

Ter opwarming werd voorafgaand aan de 17 optredens de film Searchin’ For The Heart Of The Heartland’ vertoond. Een indrukwekkend en sfeervol verslag van Dré Didderiëns over de reis die hij met Ad van Meurs en Ankie Keultjes maakte door het midwesten van de Verenigde Staten. We zagen onder meer legende Cowboy Jack Clements vertellen over zijn werk in de Sun studio in Memphis, de bluesschool voor kinderen in Clarksdale, de enigszins aandoenlijke David Munyon, die een diepmelancholisch liedje ten gehore bracht en een door de USA zwervend jong gezin dat het spelen van folkmuziek tot levensvervulling heeft gemaakt. Prachtige gemonteerde film, die volgens Ad van Meurs binnenkort op DVD verkrijgbaar zal zijn.

We hebben lang moeten wachten op een optreden van folkzanger/ gitarist Richard Shindell. Hij was ooit jaren geleden in Paradiso gesignaleerd. Richard  was degene die met zijn magnifieke debuutalbum Sparrows Point uit 1992, het genre van de singer-songwriter bevrijdde van haar suffige imago. Het feit dat hij eindelijk weer eens in levende lijve te zien en te horen was, maakte zijn optreden al tot een bijzonderheid. Ronduit verassend was zijn geweldige gitaarspel, minder verrassend zijn sublieme zang. Als geen ander kan hij een noot aanhouden, oprekken en buigen. Ook nu klonk hij als de melancholicus die we kennen van zijn albums, maar in zijn presentatie ontpopte hij zich als een olijkerd, waar allerminst een gekwelde ziel in lijkt te huizen. Eerder iemand die het leven (hij woont in Buenos Aires) sterk omarmt. Omarmen deed het publiek hem ook voor zijn mooie optreden, maar van een toegift kwam het niet. Tikje onbevredigend dus dat hij na 45 minuten alweer was gevlogen. Een van de hoogtepunten was de fraaie uitvoering van “Balloon Man” van zijn laatste album “Not Far Now”.

Olijkheid zal je bij singer-songwriter John Gorka niet gauw zien. Zijn optreden begon in het donker en heel langzaam werd hij een beetje in het licht gezet. Een passend begin kun je zeggen of was het toch een foutje van de belichtingsman? Luisteren naar de ‘zwaar op de hand’ liedjes van deze introverte bard, met misschien wel de mooiste baritonstem, was werkelijk een groot genot. Zijn timbre en timing tilden zijn kwetsbare liedjes naar grote hoogte en dan neem je zijn technische beperking op de gitaar gewoon voor lief. Zijn praatjes tussen de songs door riep mededogen op. Hakkelend en stotterend, soms vertwijfeld om zich heenkijkend waar hij toch in godsnaam in terechtgekomen was, had iets ongemakkelijks. Gelukkig is zijn zelfironie ook zijn reddingsboei. Maar kwetsbaarheid is ook zijn handelsmerk. Hij schrijft, speelt en zingt de mooiste van alle sombere liedjes en daar weet hij mensen mee te raken. Dat was ook zo bij dit optreden. En ook al was hij misschien niet in zijn ‘beste’ doen, een bijzondere ervaring was het wel.

Dan is het stel Wreckless Eric en Amy Rigby uit heel ander hout gesneden, al bedriegt hier mogelijk ook de schijn. Hoe dan ook, in onvervalst cockney Engels kondigde Eric de meeste nummers aan, waarbij hij zichzelf regelmatig overschreeuwde We werden getrakteerd op een  rauw, energiek optreden met veel kabaal, waarin ook veel plaats was voor (platte) humor, nostalgie en zelfrelativering. Hij die beukend en met liefde zich uitleefde op de elektrische – en basgitaar, zij die met onderkoelde elegantie op akoestische gitaar en elektrisch orgel,  het nodige tegenwicht bood. Ook de liefdevolle interacties tussen beiden (klapje op haar kont, kusje over de goede afloop) was mooi om te zien. Zijn gespeelde tirade tegen het publiek dat naar zijn zin te veel afstand hield van het podium was hilarisch. ‘We play for you, not against you’, so come on!!!, foeterde hij en dat hielp, zij het maar voor even. Want na een kwartiertje waren er vele reeds vertrokken naar rustiger oorden. Fans van het eerste uur werden in de watten gelegd met oude maar tijdloze hits als ‘Reconnez Cherie’ en ‘The Whole Wide World’ en ook was er nieuw gezamenlijk werk te horen van hun nieuwe goed ontvangen album. Een mooi gek duo, dat allicht niet het beste optreden van het festival gaf, maar mogelijk wel het amusantste.

Het optreden van Songwriters United bracht ons terug in rustig muzikaal vaarwater. Iets te rustig eigenlijk, want het trio dat bestaat uit de zangers – gitaristen Eric de Vries, Eric van Dijsseldonk en Jan Bart Baartmans, missen gewoon aansprekende songs om een uurtje lang te boeien. Blijkbaar vonden dat meer mensen, want zodra de deur van de concertzaal voor het optreden van Eliza Gilkyson openging, stoof ogenblikkelijk iedereen weg om er een comfortabele plek te bemachtigen. Songwriters United waren toen net - o toeval - begonnen aan hun laatste nummer: Dylan’s ‘I Shall Be Released’.

Onderwijl was veteraan Van Dyke Parks gestart met een van zijn ‘master classes’. Gezeten achter een tafeltje met een laptop sprak de goed geluimde man over de kunst van het arrangeren. Dit was heel interessant en onderhoudend. Hij toonde onder meer de ontwikkeling van een liedje van een van zijn protegees: Inara George. Het oorspronkelijke kale gitaar-liedje werd getransformeerd tot een typisch Van Dyke Parks productie. Ofwel hoe zet je ‘a naked song’ op zijn kop.

Het solo-optreden van Erik de Jong alias Spinvis was heel verrassend en inventief. In zijn eentje maakt hij een aansprekend totaal theater, waarbij hij gebruik maakt van originele ‘loops’ en drie beeldschermen, waarop hijzelf en andere bandleden op een interactieve manier de liedjes mede kleur geven. Die aankleding heeft hij wel nodig, want zijn zang is gortdroog. De poëtische teksten zijn vaak van een verrassende schoonheid. Heel fraai was bijvoorbeeld de uitvoering van het liedje ‘Aan de oevers van de Tijd’.

Eliza Gilkyson is een mooie verschijning en een uitzonderlijk innemende podiumpersoonlijkheid, die heel naturel maar met warmte communiceert met het publiek. Die eigenschappen vind je ook terug in haar liedjes. Die zijn onopgesmukt, bezitten een grote melodische schoonheid, hebben hartverwarmende teksten en worden door haar bovenal gloedvol vertolkt met die kristalheldere en dynamische stem. Een grote pluim verdient gitarist  Robert McEntee, die zulke betoverende accenten in zijn begeleiding legde dat er bijna een mystieke sfeer ontstond. Ongehoorde klasse kortom, dat door het publiek zeer terecht met enorm veel enthousiasme werd begroet.

Gelijkertijd met Eliza speelde Rachel Harrington een set waarbij zij begeleid werd door Zak Borden. Deze zangeres uit Seattle bracht een enthousiast portie ‘old timey’ muziek, waarbij – vreemd genoeg – de uitvoering van stadgenoot Laura Veirs’ “Up The River” de meeste indruk maakte.

Ma Rain had de pech dat zij moest op boksen tegen de concurrentie van Eliza Gilkyson en Rachel Harrington. Daardoor konden wij alleen het laatste nummer van haar set meepakken. Marijn Wijnands had een geweldige band tot haar beschikking en dat kwam tot uitdrukking in het bloedstollend mooi uitgevoerde “Prima Ballerina”.

In de grote zaal bracht Rory Block een prachtig eerbetoon aan de oude bluesmeesters als Robert Johnson en Son House. Energiek gitaarspel ging gepaard met haar rauwe zang. Zij kan het nog steeds en het is een genot om haar zo meeslepend aan het werk te zien. Bovendien steekt men er ook nog wat van op met al die verhalen uit het blues-verleden. De meeste indruk maakte de a capella gezongen uitvoering van Son House’s “Don’t You Mind People Grinning In Your Face” en het aangrijpende relaas van “Like A Shotgun”.

In café ‘Meneer Frits’ was het gezellig zitten en luisteren naar de Tamino’s, een plaatselijk chansontrio dat heel onderhoudende, sfeervolle Franstalige liedjes bracht. Wij kregen songs van Juliet Greco, Edith Piaf, Astor Piazzolla en Julien Clerc voorgeschoteld. Zanger Rene Vermaes gooit zich met heel zijn ziel in Brel’s “Dans le Port d’Amsterdam. Maar de Tamino’s verrassen ook met de uitvoering van een eigen liedje, namelijk “Samois”. Een heerlijk swingend nummer over het jaarlijkse Django Reinhard Festival, waarbij de bezoekers (gadjo) alleen maar jaloerser worden van het zien van zoveel virtuositeit, waaraan zij nooit zullen tippen. 

Afsluiten om middernacht is eigenlijk een ondankbare taak, omdat veel mensen al naar huis zijn. Maar niet voor de Shiner Twins, want de band speelde anderhalf uur lang met niet aflatende energie. Uitsluitend eigen songs brachten ze ten gehore van hun twee voortreffelijke albums, die een verrukkelijke smeltkroes zijn van alle denkbare Amerikaanse genres: blues, soul, gospel, funk, jazz, country en folk. Een uitmuntende band met Jack Hustinx en Richard van Bergen die geweldige doorleefde strotten bezitten en elkaar opjuinden met fraaie gitaarpartijen (Van Bergen is echt een meestergitarist). Hun onderlinge plezier droop er vanaf en dat geeft ontroering en meeslependheid. De nieuwe drummer Jody van Ooijen is ongelofelijk strak. Stoïcijns – hij beroert de drumstokken bijna uitsluitend vanuit zijn polsen –  legde hij samen met de uitstekende invaller contrabassist (vaste bassist was thuisgebleven bij zijn jarige vrouw) het fundament, om de muzikale finesses van Van Bergen en Hustinx, volledig tot hun recht te laten komen. Geweldige afsluiter.

Ons eerste bezoek aan het Naked Song Festival is uitstekend bevallen. De zalen waren goed gevuld en mooi aangekleed, het geluid was prima, de sfeer was gemoedelijk, de organisatie klopte als een bus en over de catering viel niets te klagen. Kortom een aanwinst voor ons toch al rijk toebedeelde festivallandje.

cr_vfv-07
cr_vfv-08

94