Precies één jaar geleden struikelde ik letterlijk en figuurlijk, buiten op de parkeerplaats voor het befaamde Blue Bird Café in Nashville, over bandleden van de uit Rhode Island afkomstige formatie The Low Anthem. Amper een maand later strooide ik ongeveer 60 exemplaren van hun tweede release “Oh My God, Charlie Darwin” over Europa. Sindsdien ging het als een speer. Een verslag van een warm wederzien in Doornroosje in Nijmegen.
In het voorprogramma staat de Nederlandse formatie This Leo Sunrise. De bandleden luisteren naar namen als Tape (zang, gitaar, banjo, harmonium), Violet (viool, zang, cello), Leo (bas en zang), Serpentine (gitaar, zang, accordeon) en Chris (drums/percussie). Het is tegenwoordig in om tijdens live concerten met s’en alle van instrument te verwisselen. Als dat vloeiend gebeurd is dat geen punt maar het is en blijft onrustig tafereel, wat zich dan op het podium afspeelt. De zware melancholische muziek die soms een fractie doet denken aan Sixteen Horsepower komt niet echt opgang. Gevolg is dat het publiek de aandacht niet vast kan houden. Het gekakel neemt ernstige vormen aan en ik vrees voor het ergste als The Low Anthem straks op het podium staat.
Het trio bestaande uit multi-instrumentalisten Ben Knox Miller, Jeff Prystowsky, en Jocie Adams besluipt haast ongezien het podium. Het is even wurmen, want het podium ligt bezaaid met instrumenten. Dan wordt het ineens stil en nemen The Low Anthem het voortouw. Miller’s stem laat het in het begin wat afweten. Het gezelschap schakelt snel en manoeuvreert, met uiterste precisie, over het podium. Aan de muzikale variatie die je ook aantreft op de CD’s “What The Crow Brings” en “Oh My God, Charlie Darwin” lijkt nog lang geen einde gekomen te zijn Het trio maakt indruk maar is en blijft weinig spraakzaam en reageert niet of nauwelijks op spontane reacties van het gepassioneerde publiek. Jammer, wat dat is nu net wat deze kleine band heel groot zou kunnen maken. “Het doorgaans rumoerige Doornroosje publiek is nog nooit zo stil geweest”, fluistert een bezoeker in mijn oor. Op een paar vallende flessen en plasticbekers na was het inderdaad super geconsenteerd.
Na afloop sprak ik nog even met Miller en Prystowsky. De hartelijkheid en waardering waren enorm. Wat een contrast met vorig jaar. The Low Anthem toert tegenwoordig met een geluidstechnicus, twee roadies en tourmanager. “Het moet niet gekker worden jongens, in Nederland kennen we inmiddels het Borsato syndroom”, waarschuwde ik bezorgd. Miller, “who?”.
Komende wintermaanden duikt het trio de studio weer in om nieuwe nummers op te nemen. Hoop stiekem dat ze weer helemaal hun eigen gang kunnen gaan. Hoewel The Low Anthem muzikaal gezien enorm gegroeid zijn blijft het voor mij nog steeds een ruwe diamand. Dit laatste is echt als een compliment bedoeld. Wees een eerlijk hoe vaak gebeurd het niet dat de productionele polijstmachine daar abrupt een einde aan maakt?