Live Review
cr_kt-04

Naked Song Festival

Muziekcentrum Frits Philips

Eindhoven

Zaterdag 29 mei 2010

Verslag:

Foto’s:

Paul Jonker

Peter Pricken (PrickenPics)

Naked Song Festival klant is koning

cr_vfh-09

Ik heb in jaren niet zo’n geweldig festival meegemaakt! De laatste editie van Naked Song was een aaneenschakeling van optredens op hoog niveau. Het muziekcentrum Frits Philips in Eindhoven is een prima plek voor dit singersongwritersfestival. Het geluid is perfect. Ondanks het feit dat Naked Song uitverkocht was kon je goed heen en weer lopen. Een verademing is dat! De concerten die men perse wil zien kan men dan ook daadwerkelijk zien, mits men enige tijd van te voren aanwezig is. Kortom een pluim voor de organisatie, die niet uit is op geldgewin (door zoveel mogelijk kaartjes te verkopen). De klant/muziekliefhebber is hier nog koning, waarvoor hulde!

De Canadese zangeres Lynn Hanson was een van de eerste muzikanten. De lange dame uit Ottawa is een vrolijke dame die haar country/folk-liedjes zingt  met tussendoor leuke anekdotes, zoals haar hopeloze zoektocht naar Bergen Op Zoom. 

De Australische C.W. Stoneking is de verrassing van de avond. Zijn country- en bluesdeuntjes worden fraai begeleid door een trompet, trombone en tuba/bas. Een vreemde combinatie, die ons verblijd met heerlijk klinkende, twintiger jaren muziek. Stoneking speelt zelf op banjo/resonatorgitaar en met zijn vreemde knauwende stem lijkt hij af en toe op Tom Waits. Hoogtepunten zijn de calypso-song “Brave Son Of America”, het jodelliedje “Talkin’Lion Blues”, het in New Orleans-Brass gegoten “Jungle Lullaby” en de vrolijke afsluiter “The Love Me Or Die”.

Tim Knol is een van de sensaties van dit jaar. Het titelloze debuut album van deze jonge knaap uit Hoorn wordt overal de hemel in geprezen. En terecht, want die heerlijke melodieuze zomerliedjes kent de liefhebber alleen maar van The Beatles. Knol wordt kundig bijgestaan (wat een klasse) door toetsenist Matthijs van Duivenbode en Anne Soldaat op gitaar. Hoogtepunten zijn voor mij de vrolijke deuntjes van “Clean Up” en vooral het ontroerende “Or So I’m Told”.

Halverwege de set verkas ik naar Scott Matthews, die in zijn eentje een gevoelige set speelt vol breekbare liedjes. De gelijkenis met Jeff Buckley is onvermijdelijk. Hij zingt onder meer de indrukwekkende titelsong van het zeer aan te raden album “Passing Stranger”. Sommige mensen vinden het maar niks die overdreven intense zang van Scott Matthews. Maar ik zit te kwijlen van genot! 

Blaudzun alias Johannes Sigmund pakt het in de grote zaal groots aan. Een flinke band met strijkers brengt stemmige melancholieke pop. Zijn dromerige 16 Horsepower achtige klinkt mij echter net iets te netjes.

Dan wordt het een moeilijke keuze: of  Matt The Electrician of Lynn Miles of David Olney. Ik besluit ze alle drie met een paar nummers te doen. Matt The Electrician  (zelf actief op banjo, gitaar en cajón) wordt geruggensteund door ‘good  old’  Scrappy Judd Newcomb op de National guitar. Matt is in de loop der jaren enorm gegroeid met zijn countryblues achtige muziek. Hij heeft nog niet veel gereisd. Zijn eerste trips waren naar Japan. Daar hield hij een mooie song aan over “Osaka In The Rain”, die met veel verve wordt gespeeld.

Lynn Miles doet het in haar eentje en dat gaat haar heel gemakkelijk af. Toch mis ik een beetje die geweldige gitarist Ian LeFeuvre die 15 jaar geleden zoveel  dynamiek en kleur aan haar muziek gaf. Lynn maakt indruk met haar versie van “Three Chords And The Truth” (Harlan Howard).

David Olney is een songwriter die regelmatig in ons land is te zien. Met zijn muzikale maatje Sergio Webb speelde hij onder meer materiaal van zijn nieuwe album “Dutchman’s Curve” zoals het juweeltje “Mister Vermeer”. Voorts eert hij Townes van Zandt met een uitvoering van een van zijn nummers.   

De grote zaal is bomvol bij het concert van wonderkind (inmiddels 29) Joanna Newson. Het is hard gegaan met deze dame uit California, die zo’n vijf jaar geleden in Nederland debuteerde in een zaaltje tijdens het Crossing Border Festival. Toen stond ik een meter van haar af. Nu zit ik in een heerlijke fauteuil en geniet van een geweldig spektakel. Joanna’s driedubbelalbum “Have One On Me”  is een moeilijke schijf, waarvan de schoonheid pas ontdekt wordt na vele draaibeurten. Het zijn lange nummers met inventieve arrangementen vol verrassende wendingen. Joanna brengt de liedjes vol overtuiging zichzelf begeleidend op harp en piano. Haar band staat helemaal in dienst van de vrolijke doch eigenzinnige harpiste, waarbij de alleskunner, multi-instrumentalist Ryan Francesconi opvalt met zijn prachtige spel. De twee strijkers, een percussionist en trombonespeler kleuren de wonderschone composities verder fraai in. Joanna is in topvorm en zo’n hemels concert maak ik maar zelden mee.

Na zoveel schoonheid moet je eigenlijk naar huis gaan, maar er stond nog veel lekkers op het menu.  Neem bijvoorbeeld de verstilde romantiek bij de muziek van de Belgische Isbells. De stemmen van bandleider Gaëtan Vandwoude en Nalma Joris harmoniëren op een wonderschone manier. Hun ‘folky’ muziek leunt dicht tegen die van Bon Iver. Het klinkt alleen wat minder scherp. Hoogtepunten zijn de dromerige liedjes “As Long As It Takes” en “Dreamer”.

Ane Brun doet het in de grote zaal helemaal in haar eentje. “Let’s have some fun in a very low key way” is het motto. Ane zegt dat zij dit het liefste doet, zichzelf begeleidend  op gitaar en piano. Ik denk er aan het begin anders over, maar ben al meteen na het eerste nummer om. Ane Brun openbaart zich als een voortreffelijke gitarist en meer is er niet nodig voor haar ‘naakte’ breekbare liedjes. Ja, dan vergeet ik nog even die doorleefde gepassioneerde zang. Weer een geweldig optreden met “To Let Myself Go”en “My Lover Will Go” als absolute hoogtepunten.

Jammer genoeg heeft Thad Beckham zijn Europese toer geannuleerd als gevolg van teveel aswolken in de lucht.  Ad van Meurs neemt zijn honneurs waar. In eerste instantie samen met zijn eega Ankie Keultjes en later met zijn band, waarbij drummer Eric van de Lest na twee jaar afwezigheid zijn gezicht weer eens laat zien. Ad trakteert de overgebleven luisteraars nog op een nieuw nummer van zijn binnenkort te verschijnen album. Daarna is het jammen geblazen. De ene bluesklassieker na de andere wordt van stal gehaald waarbij John Fullbright excelleert op de smoelschuif. Deze ‘hootenanny’ is een leuke afsluiter van een bijzonder geslaagde muziekavond.  Voor volgend jaar heb ik nog de volgende tips. Wat te denken van

James Talley, Terry Allen (met band), Steve James, een reünie van The Bad Livers en Willis Alan Ramsey?

cr_vfv-07
cr_vfv-08

007