Jetbone, Come Out and Play

Come Out and Play heet de opvolger van Magical Ride uit 2016, het album waarmee de Zweedse rockformatie Jetbone twee jaar geleden enige furore maakte – ze prijkte onder andere op het affiche van de laatste editie van Bospop in Weert. Ik was daar niet bij, maar wie een beetje vertrouwd is met het repertoire van deze jonge gasten kan zich voorstellen hoe onstuimig rockend het eraan toe gegaan is. De band brengt een type rock dat opzichtig invloeden verraadt van The Rolling Stones, Led Zeppelin, ACDC, Rod Stewart and the The Faces, ten tijde van de (begin)jaren zeventig en wat later in de tijd van de The Black Crowes. Waarin het gezelschap zich van hen ietsje onderscheidt, is de inzet van een blazerssectie in enkele nummers, die het toch al niet misselijke geluid nog eens extra jeu geeft. Tweemaal is er een adempauze voor de bandleden én (denkbaar) voor de luisteraar, tijdens twee prachtige ballades. De één, het door piano omlijste Road in the Sky, neemt een (aan)loopje met Zeppelins Stairway to Heaven. De ander, het semi-akoestische Don’t Hold Me Back, herinnert aan de mooie soulvolle zang van The Black Crowes, in hun begintijd. Make This Togheter is zo onweerstaanbare rock ‘n’ roll – alsof The Rolling Stones en The Faces samen op een podium staan. Voor mij dé uitsmijter van de plaat. De groep, met als kern gitarist Alin Riabouchkin en bassist Gustav Sjödin – beiden ook componist en leadzanger – levert, ondanks of juist dankzij ongegeneerd jatwerk, ongecompliceerde, plezierig swingende rock af.(eigen beheer)