Steve Dawson, Lucky Hand

Lucky Hand is het achtste album van Steve Dawson. De Canadees debuteert in 2001 met de langspeler Bug Parade. Zeventien jaren later resideert Dawson in Nashville, schrijft veelal instrumentale muziek, werkt als producer en wordt hij door veel artiesten uitgenodigd samen te werken.

De afgelopen jaren is hij vooral in Canada overladen met prijzen en heeft gespeeld met muzikanten als John Hammond, Sonny Landreth, Van Dyke Parks, Colin James, Jim Byrnes, Jill Barber, Dave Alvin, Bob Brozman, Tim O’Brien, Fats Kaplin, Colin James, The McCrary Sisters, Long John Baldry, Bruce Cockburn, Kelly Joe Phelps, Alvin Youngblood Hart, Geoff Muldaur, Scott Amendola en Colin Linden. De rij is langer, maar reikt hier tot zover.

Lucky Hand is een volledig instrumentaal folkalbum. Zoals bekend van Dawson geeft hij elk nummer een eigen signatuur. In ‘Bentonia Blues’ neemt de mondharmonica het voortouw, in titelnummer ‘Lucky Hand’ spelen strijkers een belangrijke rol. Titels als ‘Bone Cave’ en ‘Lonesome Ace’ duwen de luisteraar naar de hoek van Americana en country. Dawson laat in  elk nummer zijn virtuoze gitaarspel horen. De man is razendsnel op de zes snaren en geeft elke song een eigen lading en sfeer.

Dawson zegt meer dan twintig jaren te hebben gewerkt aan de nummers. Op vijf tracks verleent Jesse Zubot hand-  en spandiensten. De violist trekt de nummers van Dawson naar de 21e  eeuw. Lucky Hand is een plaat vol geschiedenis en toch heel erg van 2018. Delta blues, cajun, Chet Atkins en talloze andere namen schieten te binnen bij beluistering. Steve Dawson eert periodes van invloedrijke muziek en zijn helden. Lucky Hand is de geslaagde poging een tijdloos album te maken. (Black Hen Music)

Jaks Schuit Auteur