Hoed af voor Tony Joe White

 

Doornroosje 29 april 2018. Terwijl een bombastisch geluid de grote zaal vult, ontwaar ik het silhouet van levende legende Tony Joe White. Gehuld in volledig zwarte kleding inclusief hoed en donkere zonnebril, loopt hij met gitaar in de hand voorzichtig naar de podiumplek, vanwaar hij zittend zal spelen. De enthousiaste begroeting van het ruim aanwezige publiek brengt een guitig lachje op het gezicht van de 75-jarige die, na een vormloos instrumentaaltje op gitaar als voorafje, een set van dertien nummers zal spelen van zijn uitgebreide repertoire. Dat repertoire kan omschreven worden als een broeierige mix van blues, funk, soul, country en rock ‘n’roll.

Hij begint met Ice Cream Man (Heroins), waarin de groove van J.J. Cale en de boogie van ZZ Top om voorrang vechten, gevolgd door het pakkende, hoekige ritme van Undercover Agent For The Blues (Closer to the Truth). Roosevelt and Ira Lee (…Continued)krijgt een wat lompe uitvoering. Komt niet in de buurt van de bijna 50 jaar oude studioversie. Holed Up (Hoodoo) is een echter ‘stomper’ die ritmisch prachtig is, maar melodisch achterblijft. De boogie in het ondeugende Do You Have a Garterbelt (Dangerous) is onmiskenbaar door John Lee Hooker beïnvloed. The Guitar Don’t Lie (Lake Placid) Blues is een prachtige liefdesballade. Nog meer laid back is Right Back in the Fire (Rain Crow) waarin Tony Joe zijn weemoedigste stem opzet. Heerlijk funky is Even Trolls Love Rock and Roll (The Train I’m On). Het bevat een eenvoudig repeterend slaggitaarakkoord, flarden mondharmonica en zwoel praat-zingend stemgebruik. En dan natuurlijk Polk Salad Annie (Black and White) als afsluiter die iedereen wel kent. De klassieker waarmee hij zichzelf in 1968 op de kaart zet voor publiek en collega’s. Vanaf die tijd zullen door de jaren heen vele van zijn liedjes door ontelbare muzikanten gecoverd worden, onder wie Elvis. Het tekstueel grappige liedje Stockholm Blues, over een doorgehaalde nacht en het noisy As the Crow Flies (The Train I’m On) zijn de toegiften. En dan, in dezelfde tred als TJW opkwam, verlaat hij zwaaiend en lachend het podium.

Een goed en vermakelijk optreden van deze icoon, die het publiek gegeven heeft waarvoor het kwam: pakkende songs, diepdonkere, grommende zang en energiek gitaarspel. Dat hij aan dat laatste  vaak een overdosis galm en vervorming toevoegt, het is hem vergeven. Met alleen een drummer als begeleider is dat voor een vollere sound te begrijpen. Neemt niet weg dat het wat schraal en minder naturel overkomt. Een ondersteunend orgelgeluid zou de live-uitvoeringen goed doen. De balans: minder opzwepende swamp dan verlangd, meer overstuurde blues-rock dan gewild. Niettemin, hoed af voor de man uit Louisiana.

Foto’s gemaakt door Willem Melsen meer impressie foto’s van Tony Joe White vind u HIER