Watermelon Slim, Golden Boy

Bill Homans, beter bekend onder zijn artiestennaam Watermelon Slim is wat zijn landgenoten noemen ‘a true original’. Met een zeer herkenbaar geluid heeft de Amerikaanse zanger/gitaris/harmonicaspeler een stevige plaats ingenomen in de bluesgeschiedenis. Reeds in 1973 bracht hij zijn eerste album uit, maar pas eind vorige eeuw verscheen het tweede. Sindsdien zijn er nog tien bijgekomen, waarvan ‘Golden Boy’ de meeste recente is.

Tien nummers zijn er op de cd te vinden, waarvan er zeven door Watermelon Slim zelf geschreven. De muzikanten op het album zijn Watermelon Slim (zang/harmonica/slide gitaar), Joanne Miller (drums/percussie), Gilles Fournier (contrabas), Jay Nowicki (gitaar) en Jeremy Ruso (toetsen). Daarnaast zijn er nog een aantal gasten te horen, waarvan de meesten een vocale bijdrage leveren. De cd werd opgenomen in het Canadese Winnipeg en werd door Slim samen met Scott Nolan geproduceerd. Nolan leverde ook één song voor het album, het eerder door hemzelf opgenomen “The Day I Left Cabbagetown”. De andere niet door Slim geschreven nummers zijn Stan Roger’s “Barrett’s Privateers” en Blind WIllie Johnson’s “You’ll Need Somebody On Your Bond”.

Met “Golden Boy” heeft Watermelon Slim weer een prima cd afgeleverd, die weliswaar minder blues bevat zijn zijn eerdere cd’s. Het helt hier meer over richting folk, hoewel ook gospelinvloeden niet ontbreken. Het meest bijzondere nummer is wel “Barret’s Privateers”, een folknummer met anglo-saksische invloeden wat vocaal heel sterk in elkaar zit. In Cabbagetown spelen het piano- een harmonicaspel een belangrijke rol, terwijl de duivels klinkende harmonica ook een belangrijke rol speelt in “Mean Streets”. In het het slotnummer “Dark Gebius” vertelt Slim het verhaal van John F. Kennedy. Aangrijpend en overtuigend.
Watermelon Slim is met zijn eerste album in vier jaar weer helemaal terug.

Ton Kok Auteur