Iris DeMent, The Trackless Woods

Iris DeMent, The Trackless woods“I can’t hardly bear it.” she says. Iris DeMent vertelde in een interview met The Boston Globe dat ze de opname van Anna Achmatova die haar gedicht De Muse voordraagt, als het hoogtepunt van The Trackless Woods ziet. En gelijk heeft ze. Dit gedicht, dat ook op een muur in de Johan de Wittstraat in Leiden te vinden is (was?), is adembenemend.

Kogda ja noč’ju ždu ee prixoda,
Žizn’, kažetsja, visit na voloske.
Cto pocesti, cto junost’, cto svoboda
Pred miloj gost’ej s dudockoj v ruke.

 

I vot vošla. Otkinuv pokryvalo,
Vnimatel’no vzgljanula na menja.
Ej govorju: “Ty l’ Dantu diktovala
Stranicy Ada?” Otvecaet: “Ja”.

In de vertaling van Marja Wiebes en Margriet Berg luidt het als volgt.

Wanneer ik ’s avonds wacht of zij zal komen,
Dan hangt het leven, lijkt het, aan een draad.
Wat maal ik nog om roem, jeugd, vrijheidsdromen
Als zij met haar schalmei daar voor mij staat.

Daar is ze. Met haar sluier teruggeslagen,
Kijkt ze mij aan met onverholen blik.
‘Was jij het die aan Dante,’ zal ik vragen
‘De Hel dicteerde?‘ ‘Ja,’ is ’t antwoord. ‘Ik’.

Met enige moeite kan ik de verleiding weerstaan om dit gedicht hier te bespreken. Dante, één van de grootste dichters ooit, zijn werk kan nooit genoeg aan beschouwing onderworpen worden. En de grote Anna Achmatova, de Russische dichter die leefde van 1889 tot 1966. In een eeuw en een land dat verscheurd werd door het geweld van de Eerste Wereldoorlog, de Russische Revolutie (1917), de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog. Van aanvang af was haar geluid en toon opmerkelijk. Binnen de acmeïsten (het Griekse akme betekent ‘bloeitijd’ of ‘scherpte’) kon zij als geen ander in de klassieke versvorm anders dan de symbolisten, het alledaagse beschrijven zodanig dat het zowel groots werd als gewoon bleef. Enfin, laten we het hier maar bij laten. Kees Verheul weet er veel meer van dan ik.

Hoe komt een Amerikaanse singer-songwriter ertoe om maar liefst zeventien teksten van een Russische dichter in evenzoveel liedjes om te zetten? Dasha, de uit Rusland afkomstige pleegdochter die DeMent en haar partner Greg Brown (één van de allerbeste, poëtische liedjesschrijvers van onze tijd, het is geen toeval dat juist hij een gedeelte uit een gedicht van T. S. Eliot voordraagt op de nieuwe cd van Lucie Thorn) speelt hier een grote rol. Zij werd overigens ook genoemd op Sing The Delta (2012), DeMents vorige album. Daarnaast, zo merkt DeMent in een aantal recente interviews op, is Achmatovas leven en werk van een ontroerende kwaliteit. Zoekt u de tekeningen eens op die Modigliani van haar maakte in het Parijs van begin twintigste eeuw. Zij vond in zijn ogen ‘een gouden glans’ en hij was ‘als niemand op deze aarde’.

En de muziek? Nou, mogelijk is dit het beste album dat Iris DeMent ooit maakte. Al kan het zijn dat de poëzie bij deze beoordeling van essentieel belang is. Wie het album alleen als muziek beschouwt, zal mogelijk een zekere eenvormigheid bespeuren. Die evenwel bij goed en aandachtig luisteren zeker zal verdwijnen. Leo Kottke, Dave Jacques, Richard Bennett (producer), Bryan Owings, Bo Ramsey en diverse leden van de familie Brown staan hiervoor garant. Al is het natuurlijk DeMent zelf die met haar prachtige stem en dito pianospel de muziek werkelijk kleur geeft. Ze houdt van het door Babette Deutsch en Lyn Coffin vertaalde werk van Achmatova. Dat hoor je. Dat voel je.

Ik zag niet uw tranen, zie niet uw verdriet,
En ik hoor het zoeven van de wielen niet
Als u straks naar bomen en baaien rijdt,
Door uw land dat zelfs geen standbeeld aan wijdt.

Dat dichtte Joseph Brodsky in 1962. Boven het gedicht waar dit kwatrijn deel van uitmaakt staat voor A. A. Achmatova. (Flariella Records)

Fred Schmale Auteur