Andy Pratt, Do You Remember

Andy Pratt, Do You RememberEen comeback, zo wordt Do You Remember Me? van Andy Pratt genoemd. Op de cover van Heaven 2 (mrt/apr 2015) spreekt men zelfs van ‘Verloren zoon’. In het artikel van Constant Meijers dat aan deze nieuwe cd van Andy Pratt is gewijd, staat dat deze ‘onderdook in religie’. Ook ‘kwam de bekering tot God zijn schrijftalent niet ten goede’. Tja, als je als muzikant openlijk met geloof op de proppen komt, kan je maar beter direct je andere wang toekeren. Vraag het Bob Dylan maar. Of Jeremy Enigk. Of Cat Stevens. Meijers richt zich geheel volgens de huidige Andy-Pratt-mythe op de – inderdaad – fenomenale eerste twee albums van de man (het uit 1969 stammende Records Are Like Life en Andy Pratt uit 1973) en heeft geen oog voor de rol die religie op voortreffelijke albums als Motives (1979) en Shiver In The Night (1977) speelde. Maar wat misschien wel erger is: waar waren alle popjournalisten toen Pratt in 1986 Perfect Therapy deed verschenen? Dat album doet in niets onder voor alle hierboven genoemde platen. Toegegeven, daarna werd het sappelen geblazen voor de liefhebber van Pratts muziek. In 2003 verscheen herstelde Pratt zich met het prachtige New Resolutions. Nauwelijks nam hij bijvoorbeeld een sterker liedje op dan Why Do You Love Me van deze plaat. De drie grondkenmerken van het wezen van zijn muziek: mystiek, onzekerheid en verlangen vormen hier, zonder de rest van het album tekort te doen, een betoverende eenheid. De uitstekende band (let op de gitaar als u het liedje beluistert op http://www.itsaboutmusic.com/andypratt.html) speelt natuurlijk ook een rol van betekenis. Ik beschouwde dit magnifieke teken van leven van de inmiddels Nederland verlaten hebbende en opnieuw in Amerika gevestigde Pratt, als een comeback. Ik interviewde hem en schreef een kort artikel. Niemand wilde het plaatsten. Muziekbladen? Nee, dank u. Uiteindelijk verscheen het rond 2004 in het Nederlands Dagblad onder de titel ‘Vergeet de vergetelheid’. Omdat het nauwelijks aan belang heeft ingeboet, kunt u het hier in het Café (opnieuw?) lezen.

U zult inmiddels begrijpen: dat van die comeback is schromelijk overdreven. Ook al omdat Pratt de afgelopen jaren online regelmatig nieuwe muziek van zijn hand deed verschijnen. Eveneens overdreven is de lof die Pratt krijgt toegezwaaid voor Do You Remember Me? De liedjes zijn wat doorsnee (ter illustratie, pas bij liedje vijf, the Snakecharmer, veer je als luisteraar wat op, terwijl de matige nieuwe versie van het aloude, wonderlijk mooie Avenging Annie je alleen maar doet afvragen waarom niemand hem dit idee uit het hoofd gepraat heeft?) en de productie is ronduit slecht. Dat Pratts stem niet meer zo fijnzinnig klinkt als in zijn hoogtijdagen is hem gezien zijn leeftijd, bijna 70, is begrijpelijk. Dat hij tracht te zingen als in die dagen van weleer, niet.

Het is duidelijk. Zoals hij klonk, bijvoorbeeld op de weergaloze ep Fun In The First World (1982), zo klinkt hij niet meer. Met Do You Remember Me? heeft Andy Pratt zich tussen wal en schip gezongen. Voor de liefhebbers van zijn werk (waartoe ik mijzelf reken) is het één van zijn mindere platen en voor die mensen die zijn werk niet kennen ligt er nog heel veel mooier moois te wachten. (Continental Song City)

Onderstaand artikel over Andy Pratt verscheen in 2004 in het Nederlands Dagblad.

Vergeet de vergetelheid: Andy Pratt

Andy Pratt. Gevoelig en geniaal. Zijn uit 1973 stammende meesterwerk, gewoon Andy Pratt geheten, behoort tot de Grote Albums Aller Tijden. Later bewoog hij zich voort op, voor velen ondoorgrondelijke paden van christelijke aard. Nu, na jaren van relatieve stilte, doet hij weer van zich spreken.

Dylan

Toen Bob Dylan zich tot het christendom bekeerde en daar op het in 1979 verschenen Slow Train Coming kond van deed, was er geween en tandengeknars bij de gevestigde muziekpers. Zo herinner ik mij dat een journalist van OOR (ik ben zijn naam vergeten) de EO opbelde en het nietsvermoedende en onwetende telefoonmeisje op cynische wijze fileerde. Dylan, het grote voorbeeld van de protestgeneratie van de jaren zestig, die Dylan was nu in God. Hoe was het mogelijk! Dat Dylan hier wellicht het meest sublieme protest uit zijn leven liet horen, ontging toen velen. Zijn werk uit die tijd werd in de ban gedaan en gekwalificeerd als matig. Wie echter de betreffende albums goed beluistert, of het in 2003 verschenen Gotta Serve Somebody – The Gospel Songs Of Bob Dylan er nog eens bijhaalt, weet dat dit werk tot het beste uit zijn oeuvre gerekend kan worden.

Met de zoon van Edwin Howard Baker Pratt en Aileen Kelly Pratt uit Cambridge, Massachusetts gebeurde iets soortgelijks. Al mist hij de raadselachtige ongrijpbaarheid van Bob Dylan. Na twee prachtige platen (waarom vergeet men toch altijd zijn fenomenale debuut, Records Are Like Life uit 1971?) was zijn naam gevestigd. De platen die in de loop van de jaren zeventig volgden, Resolution, Shiver In The Night en Motives, waren minder excentriek. De op de rand van de gekte balancerende onrust werd langzaam maar zeker ingeruild voor de – relatieve – rust van het christelijk geloof. Tot en met 1983 ging dat goed. Na de magistrale EP Fun In The First World verscheen in dat jaar Not Just For Dancing.

Vergetelheid

Inmiddels was Pratt vaak in Nederland met zijn band en speelde hij in christelijke kringen, zoals op het Flevo Festival. Pratt scheidde van zijn tweede vrouw en ging in New York wonen. Gedurende de zomer van 1984 was hij opnieuw in ons land voor concerten. Hij werd verliefd op een Nederlands vrouw en trouwde met haar. “Het was niet makkelijk om in een ander land te wonen. Toen is mijn begrip voor immigranten ontstaan. Ik raakte betrokken bij een wilde, charismatisch kerk, het communisme verbrokkelde en we gingen naar Oost Europa om concerten te geven en te  evangeliseren. Langzaam maar zeker werd ik echter moe van de Nederlandse scherpte, de zakelijkheid en de sociale controle. Ik verhuisde naar België waar de cultuur zachter is.” Pratt maakt een aantal albums voor de christelijke markt. Op Perfect Therapy uit 1986 na, doen ze geen van allen recht aan zijn talent en scherpzinnigheid. Pratt raakt dan ook in de vergetelheid. Betreurt hij dat achteraf? “De strijd om succes en beroemdheid is er altijd. Mijn vrouw vertelde me dat God het zo goed vond. Een groot effect hebben op een betrekkelijk kleine groep mensen. Ik heb altijd platen gemaakt die populair zouden kunnen worden, maar andere mensen maakten gewoon betere platen.” Even verderop bedenkt hij zich. Het zit toch dieper. “Ik ben bedroefd geweest en ook boos dat ik niet meer luisteraars kon bereiken. Maar wat moest ik doen? Ik heb liever een goed huwelijk en een goede familie dan een muzikale carrière. Zoals ik ooit op de school voor de kunsten hoorde zeggen: the public artist must live with indifference, rejection and criticism!.”

Zoals Neil Young

Inmiddels woont Pratt weer in Amerika. Hij is blij dat hij niet meer onder de grote sociale controle die ons land in zijn ogen typeert, hoeft te leven. “Er is in Nederland een grote druk om niet anders dan anderen te zijn. Misschien heeft het van doen met de Europese geschiedenis van koningen en veroveraars dat het nu de zakenmensen zijn die domineren en andere mensen tot een soort slaven maken. Ik ben ziek van die baas/slaaf dynamiek op alle terreinen van het leven. Van de internationale politiek tot aan het familieleven toe. Amerika is corporate Nazi hell qua politiek en zaken doen, maar er is een onvoorstelbare rijkdom als het gaat om de kunsten, de wetenschap en de natuur.” Hij woont nu in Amesbury, Massachusetts met zijn nieuwe vrouw en haar twee zonen. Onlangs verschenen Fun In The First World en Not Just For Dancing op één cd bij Corazong Records (eerder was dat al gedaan door het Duitse Pila Music in 1988) en in 2003 verscheen Cover Me. Samen met zijn oude vriend, de gitarist Mark Doyle, nam Pratt een aantal covers op. Uitschieters op dit album zijn Queen’s Under Pressure, Don’t Worry Baby van de Beach Boys en Grandmaster Flash’ The Message. De echte, grote Pratt is echter te horen op New Resolutions. Live opgenomen oud werk. Maar ook nieuwe liedjes die hij samen met John Billings en enkele uitstekende sessiemuzikanten uit Nashville opnam. Pratt is opnieuw woedend over de misstanden in deze wereld. En scherp. De gesloten introspectie die zijn christelijke albums voor velen ondraaibaar maakten, heeft weer plaats gemaakt voor de aan overtuiging en verwondering gekoppelde drang tot verandering. In lange tijd klonk Pratt muzikaal niet zo scherp als hier. Deze platen zijn echter moeilijk te verkrijgen aangezien Pratt geen platenlabel heeft. “Zoals ik er nu over denk, ga ik het doen zoals Neil Young. Ik ga van persoon tot persoon en uit me zoals ik me moet uiten. Platencontracten, geluk, geld, kansen en de interesse van andere mensen, ik heb het allemaal gehad. En misschien krijg ik het opnieuw.” Pratt, die van huis uit Social Worker is en ook een een diploma Creatief Schrijven op zak heeft, weet nog niet hoe het verder zal gaan. “Ik denk erover om les te gaan geven. Maar op dit moment oefen ik met mijn band en geniet ik van het leven.”

Wim Boluijt Auteur