Rich Hopkins & Luminarios, Buried Tressures

In Duitsland kan Rich Hopkins and Luminarios sinds jaar en dag rekenen op een grote schare fans. Zeker sinds hij vijftien jaar geleden onderdak vond bij het Duitse kwaliteitslabel Blue Rose, waarvoor hij sindsdien een imposant en voortreffelijk aantal albums maakte. In Nederland lijken slechts weinig liefhebbers om zijn woestijnrock te geven. Geen respectabele verkopen en nog nooit hier op een podium te zien geweest. Ik ben aan zijn muziek verslaafd en daarom is het een must dat met de regelmaat van de klok albums en soms dvd’s verschijnen. Goddank ook, dat er door de tijd geen opzienbarende veranderingen in zijn repertoire te bespeuren valt. Dat werkt alleen maar beter, want het moet wel onversneden blijven. En al zit er soms een dissonantje of wat tussen, ik vergeef het hem met een vanzelfsprekende graagte. Net zoals ik dat ook al jaren doe bij Crazy Horse van Neil Young. Het is niet uit te leggen waarom mijn oren zo aan die energieke klereherrie van hem vastzitten. Maar het raakt me, ik ga erin op en ik drijf opnieuw weg op de negen knetterharde stukken van de laatste cd Buried Treasures, die hij maakte met zijn hooggeachte Luminairos en waarop weer de nodige kritische noten over de Amerikaanse samenleving te horen zijn. Dat laatste siert hem des te meer.

In de eerste oplage zit de bonus-cd A Long Walk Home, die de periode reflecteert (1981-1983) in centraal Paraguay, toen hij daar dienst deed als een Peace Corps Volunteer. Je hoort een min of meer psychedelische collage van galmende, overstuurde elektrische gitaren, miauwende katten, hordes zoemende insecten, kraaiende hanen en akoestische vingeroefeningen op gitaar met zijn vriend Don Concepción Romero. Wat ie ook doet het prikkelt heel sterk de verbeelding. Misschien is het dat wel, waarom ik voor altijd aan hem blijf hangen.