|
Een buitenbeentje is Kathleen Haskard uit Californië wel een beetje, zo maak ik op uit haar biografie. Zo huist ze in deeltijd in een tipi(!) in een canyon, omgeving Santa Monica, in afwisseling met haar woonstek in Londen. Ook is ze een politiek activiste die wereldpolitici geregeld de mantel uitveegt, hetgeen voor Neil Young aanleiding was haar te vragen als achtergrondzangers voor zijn project ‘Living With War’ in 2006. Reeds acht jaar daarvoor had ze met het album ‘In To The Deep’ haar albumdebuut gemaakt. Spreken van een rijkelijke productiviteit kun je bij deze singer – songwriter daarom niet, want ‘Don’t Tell’ is dus pas haar tweede cd. Op zichzelf is dat bijzonder en merkwaardig, want Kathleen Haskard schrijft uitstekende songs met teksten die inkijkjes bieden hoe ze in het leven staat: strijdvaardig tegen maatschappelijk onrecht, zachtaardig in persoonlijke verhoudingen. Ronduit fraai is de muzikale vormgeving die de tien liedjes hebben meegekregen. Krachtige, zeer gevarieerde melodieën, op schitterende en geraffineerde wijze – aan beide kanten van de oceaan (Bristol en San Francisco) – vastgelegd door het producers duo, de Engelsman Simon Alpin en de geniale Chuck Prophet (hoeft geen introductie). Bovendien spelen beiden gitaar, bas en rekruteerden daarnaast uit eigen omgeving een stelletje muzikanten, waaronder leden van Grand Drive en Prophet’s band The Mission Express, voor drums, bas, hammondorgel, piano en zang. Een excellent stel, dat garant staat voor een uitermate sfeerrijke semi – elektrische invulling van de doorgaans in rustig vaarwater verkerende liedjes, uitgezonderd het erg korte maar fel doordenderende ‘Hallelujah’ en het aan Patti Smith herinnerende titelnummer. Stijlinvloeden zijn er uit soul, folk, rock en country, waar overheen ze een veelstemmig laagje legt door de sublieme verscheidenheid van haar stemgeluid en de reikwijdte van haar stem. Op ‘Don’t Tell’ staan pure songs van een pure zangeres, in volle gloed gezet door klasbakken van muzikanten. Aanrader! (Huub Thomassen)
|