|
Het is alweer vijf jaar geleden dat wij u over de uit Tucson, Arizona afkomstige rock formatie Greyhound Soul berichten. De muzikale kaders die te horen waren op de laatste CD Down waren duidelijk beter afbakent. De piketpalen gaven al aan dat de band veel meer in zijn mars had dan wat ze lieten horen op de voorgangers Freaks (2000) en Alma De Galgo (2001). Toch werd het na de release van Down angstig stil rondom deze zogenaamde woestijnrock knaagdieren. Na vijf jaar wachten ligt nu dan toch ineens Tonight And Every Night in de winkels. Joe Peña zacht vegende schuurpapieren stem is en blijft onmiskenbaar het handelsmerk van de band. Toch is er wat bijzonders aan de hand. Ondanks het feit dat Duane Hollis op bas, Alan Anderson op drums en Jason DeCorse op gitaar en zang nog steeds de scepter zwaaien klinkt het hedendaagse bandgeluid totaal anders dan ik verwacht had. Ik hoor veel en veel minder betonrock. Daar staat weer tegenover veel meer hightech akoestisch gedreven slow motion swamprock. De nieuwe Greyhound Soul leden Bobby Hepworth op keyboards, Robin Johnson op gitaar en Glen Corey achter de piano dragen daar onmiskenbaar aan bij. Het tempo is naar beneden gehaald en de stemming is humeurig en donker. Is er dan helemaal geen uptempo te bespeuren? Alligator Face is een vrolijk country rockend deuntje maar dat was het dan ook echt. De rest is en gaat diep stripped down en dan concentreer je, je automatische op de tekstuele inhoud. De thema’s zijn kort van stof maar erg zorgvuldig gekozen. De pijn in Do What You Do is voelbaar. Het verlies en verlangen naar een onmogelijke liefde wordt emotievol uiteengezet in Layin’ Down Lost. Wat ruimer van stof is Peña in het bonkende Midnight Radio. De depressiviteit van een loner die deuren in wil trappen en met het servies wil smijten terwijl hij in werkelijkheid de weg kwijt en onzeker is. Dit is weer tastbaar verwoord in de track Believe. Tonight And Every Night heeft wat luisterbeurten nodig om binnen te dringen. Eenmaal opgenomen is niet meer loslaten. Greyhound Soul mag natuurlijk niet ontbreken op het tuinfeestje van Glitterhouse Records, Orange Blossom Festival 2008. (Jan Janssen)
|