|
Ik zette dit titelloze album op nummer 4 in mijn jaarlijstje terwijl ik er slechts 3 tracks van gehoord had; die tracks had ik van Southern Tenant Folk Union’s website gedownload en wat vond ik ze mooi! Elke keer als ze op mijn MP3 speler voorbij kwamen werd ik overspoeld met een geluksgevoel. Helaas was het album niet in Nederland uitgebracht en kopen via hun website gaf gedoe met creditcards en daar doet deze jongen niet aan. In mijn jaarlijst motivatie schreef ik “Dillards-fris en meesterlijke zang”. Klopt, de ’groovy’ leadzang van Oliver Talkes (gitaar) fonkelt in de wonderschone harmonieën van de overige groepsleden, de productie is kristalhelder en naast The Dillards schiet met name ’The Fantastic Expedition Of Dillard & Clark’ me nu in het ’gemoed’. Ik heb af en toe dezelfde gelukzalige momenten als toen ik voor de eerste maal deze elpee in 1968 op mijn stereo-pick-upje draaide! Toch wel een beetje vreemd dat geluksgevoel van mij, want er hangt over dit album voortdurend een zweem van melancholie en sommige teksten zijn beslist niet opbeurend te noemen. Niet uit Amerika, maar uit Engeland (Londen) komt STFU. De groep speelt ‘traditionele’ muziek, waarin naast bluegrass, ook oldtime, (Ierse) folk en gospel in terug te vinden is. Grondlegger van de groep is Pat McGarvey, een meesterlijke banjospeler. Hij schreef de meeste nummers, soms in samenwerking met een ander groepslid. De bezetting bestaat naast gitaren uit banjo, mandoline, akoestische bas, harmonica en viool; wat je noemt een vormvaste, klassieke samenstelling. Maar ze kent beslist niet de gezapigheid die je meestal hoort bij dit soort groepen. Net als op de debuutcd van Chatham County Line sprankelt en jubelt je het speelplezier tegemoet. Een enkele keer neigt de groepszang naar lichte onzuiverheid en klinkt de fiddle van Frances Vaux wat ‘out of tune’. Beslist geen onoverkomelijk bezwaar, het accentueert de onbevangen frisheid van de groep. Ik vermoed dan ook dat het bijwonen van een live optreden van Southern Tenant Folk Union’s een feest voor je oren én je psyche zal zijn. Althans de mijne! (Benny Mulder)
|